Oproep: Verwerp massa-surveillance met kentekenscanners

Den Haag, 11 november 2017

Geachte Kamerleden,

Dinsdag 14 november debatteert u over het wetsvoorstel voor het vastleggen en bewaren van kentekengegevens door de politie. Graag vragen we daarbij uw aandacht voor onderstaande punten.

Het onderzoek van het ministerie ter onderbouwing van dit wetsvoorstel heeft niet kunnen vaststellen dat het massaal vastleggen van kentekens effectief is bij de opsporing. De minister heeft noch de noodzaak noch de proportionaliteit van de maatregel aangetoond. Aan deze wettelijke vereisten volgens artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) is niet voldaan.

De rechter heeft in verschillende situaties de massale opslag van gegevens van onverdachte burgers verboden. In lijn met die uitspraken is duidelijk dat ook deze massa-surveillance maatregel in de rechtbank zal sneuvelen. De inperkingen die de minister heeft voorgesteld zijn hierbij niet voldoende.

Tijdens de hoorzitting over dit wetsvoorstel merkte professor Jacobs hierover op: "Ik vermoed dat deze wet snel aangevochten gaat worden bij het Europese Hof in Luxemburg. Je kunt je afvragen of je er als overheid verstandig aan doet, als je dit soort trajecten kunt voorzien."

Wij vragen u dan ook het wetsvoorstel te verwerpen. Hieronder vindt u onze argumenten verder uitgewerkt.

Niet noodzakelijk

Om een dergelijke bevoegdheid in te mogen voeren, moet onder meer aangetoond worden dat deze noodzakelijk is. Dat doet de minister niet. Toenmalig minister Blok schrijft in antwoord op vragen van uw Kamer: "De eerder gegeven voorbeelden […] laten zien dat de in dit wetsvoorstel opgenomen bevoegdheid van belang kan zijn voor de oplossing van ernstige misdrijven" en "[…] kan de voorgestelde bevoegdheid een belangrijke bijdrage leveren aan de opsporing".

"Van belang kan zijn" en "kan een bijdrage leveren" impliceren dat het niet noodzakelijk is, maar dat het vooral handig is voor de politie. De voorbeelden van de minister komen uit een onderzoek dat in opdracht van het ministerie zelf is uitgevoerd. De onderzoekers kunnen de noodzaak voor de registratie niet onderbouwen: "Dezelfde paar succesverhalen komen elke keer weer terug, maar concrete resultaten ('harde cijfers') hebben we niet kunnen vinden." In het Verenigd Koninkrijk worden kentekengegevens maar liefst vijf jaar bewaard. De onderzoekers constateren dat daar het gebruik van ANPR "niet automatisch leidt tot betere opsporing".

De Raad van State concludeert dat "de doeltreffendheid en daarmee de noodzaak van het vastleggen en bewaren van kentekengegevens zoals voorgesteld onvoldoende zijn gemotiveerd". Het is in strijd met artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens om bevoegdheden in te voeren die niet noodzakelijk zijn.

Niet proportioneel

Een belangrijk criterium voor het mogen maken van een inbreuk op privacy van mensen, is dat het in verhouding moet staan tot het te bereiken doel. Maar de minister heeft geen idee in hoeverre het massaal registreren van het reisgedrag van auto's bijdraagt aan de opsporing bij misdrijven.

Op vragen van uw Kamer schrijft hij: "De betekenis van de gegevens voor een concreet opsporingsonderzoek is bij voorbaat niet te specificeren omdat die per opsporingsonderzoek verschillend zal zijn. [..] Omdat sprake is van een nieuwe bevoegdheid, is niet aan te geven in hoeveel strafzaken ANPR-gegevens een bijdrage zullen kunnen leveren."

De minister kan de meerwaarde of de proportionaliteit van deze massale opslag van het reisgedrag niet aangeven. Daarmee is de inbreuk die deze bevoegdheid gaat maken onrechtmatig.

In strijd met rechterlijke uitspraak

Volgens de Raad van State is dit wetsvoorstel vergelijkbaar met de bewaarplicht voor telecomgegevens omdat het ook hier gaat om een massale registratie van gegevens van onverdachte burgers. De bewaarplicht voor telecomgegevens is door de rechter in 2015 ongeldig verklaard omdat de overheid de noodzaak niet kon onderbouwen.

De Raad van State waarschuwt dat de rechter over de massale registratie van reisgegevens een vergelijkbaar oordeel zal vellen. Stichting Privacy First heeft al aangekondigd deze registratie aan de rechter voor te leggen, mocht dit wetsvoorstel in werking treden.

Inzet onvoldoende afgebakend

Toenmalig minister Blok schrijft dat deze wet voldoende afwijkt van de bewaarplicht voor telecomgegevens. Zo stelt hij dat kentekengegevens slechts inzicht geven "in een bepaald en beperkt aspect van iemands privéleven". Dit argument is onhoudbaar naarmate er meer kentekenscanners komen en er een completer beeld van het reisgedrag van burgers ontstaat. Het aantal kentekenscanners is niet gemaximeerd. Bij een eventuele inwerkingtreding per 1 januari 2018 voorziet de minister mogelijk al 352 vaste camera's en 200 mobiele camera's.

De minister geeft aan dat een belangrijke waarborg is dat camera's alleen geplaatst worden als dat aan "objectieve criteria" voldoet. Deze criteria zijn opgenomen in het cameraplan maar bakenen op vrijwel geen enkele manier de inzet af.

Zo mogen camera's volgens een criterium alleen geplaatst worden langs wegen met "intensieve verkeersstromen", die "een bepaald risico" dragen of een "specifieke functie" hebben. Het gaat dan volgens de minister onder andere om drukke verkeerswegen en knooppunten, om wegen naar havens, stations en luchthavens, om wegen met een bepaald type verkeer of om wegen die een alternatieve route kunnen vormen voor alle voorgaande wegen, zodat auto's toch worden geregistreerd als men de weg met kentekenscanners wil vermijden. Vrijwel elke Nederlandse weg valt in dit criterium in te passen.

Een ander criterium is dat bij de plaatsing van nieuwe camera's "het verdere netwerk van camera’s" moet worden betrokken. Dit kan niet als een inperkend criterium worden beschouwd.

In de wet of in het cameraplan zijn (verder) geen criteria opgenomen om de inzet proportioneel te houden. De minister schrijft dat camera's alleen worden geplaatst op "voor de opsporing relevante locaties". Wat dit inhoudt is niet toegelicht. Ook dit criterium betekent geen concrete inperking van de bevoegdheid. Het kan door iedereen anders worden uitgelegd, waardoor het reële risico bestaat dat dit steeds verder zal worden opgerekt.

Bovenstaande criteria bakenen de inzet van de bevoegdheid onvoldoende af. Bovendien zijn de criteria jaarlijks door de minister aanpasbaar en geven dus weinig houvast. Daarmee wijkt deze bevoegdheid niet substantieel af van de eerder ongeldig verklaarde massale opslag van telecomgegevens of de opslag van vingerafdrukken.

Toegang tot gegevens onvoldoende ingeperkt

De toegang tot de gegevens moet volgens eerdere rechterlijke uitspraken worden beperkt tot die gevallen waarvoor de gegevens noodzakelijk zijn. Een rechter zou hierover moeten oordelen. Maar in het wetsvoorstel is opgenomen dat toestemming van de officier van justitie volstaat.

Toenmalig minister Van der Steur concludeert "…de voorzieningenrechter in het vonnis van 11 maart 2015 heeft geoordeeld dat het Hof van Justitie als een zwaarwegend bezwaar beschouwt dat de toegang tot de bewaarde gegevens niet is onderworpen aan een voorafgaande controle door een rechterlijke instantie of een onafhankelijke administratieve instantie. Het Openbaar Ministerie kan naar het oordeel van de voorzieningenrechter niet als een onafhankelijke administratieve instantie worden aangemerkt".

De toegang tot de kentekengegevens voldoet daarmee niet aan de door de rechter gestelde eisen.

Kenbaarheidsvereiste onvoldoende ingevuld

Het is verplicht volgens artikel 33 en 34 Wbp dat kenbaar wordt gemaakt als persoonsgegevens van mensen worden vastgelegd. Volgens de Hoge Raad is ook een kenteken een persoonsgegeven.

Om aan dit vereiste tegemoet te komen wil de minister jaarlijks in de Staatscourant publiceren waar de vaste kentekenscanners staan. Bij de camera's ter plaatse wordt niets aangegeven. Over de mobiele camera's wordt helemaal niets gezegd.

Op deze wijze wordt het kenbaarheidsvereiste onvoldoende ingevuld en is daarmee in strijd met de privacywetgeving.

 

 

Vriendelijke groet,
Privacy Barometer.

 

 

reacties

Onbegrijpelijk dat Kamerleden denken dat ze met een kentekenregistratie criminelen kunnen opsporen. CRIMINELEN RIJDEN MET VALSE KENTEKENS!

Het doel heiligt híer niet de middelen! PRIVACY WET AANTASTING! ‘Big brother is watching you’! Niet goedkeuren. Wettelijk kán dit niet!

Voeg zelf uw reactie toe:

naam: 
reactie: 
0/1500
 

Deel deze pagina via:

29-08-17

Wetsvoorstel lokaliseren vermisten

De officier van justitie mag bijzondere opsporingsbevoegdheden inzetten in bepaalde urgente vermissingszaken om de locatie van vermisten te achterhalen. Hiervoor heeft minister Blok op 19 juli 2017 een wetsvoorstel ter consultatie gepubliceerd. Lees verder >>>

27-06-17

Wilders herhaalt oproep voor preventief opsluiten

Geert Wilders (PVV) herhaalt de oproep van zijn partij om mensen preventief op te sluiten als zij "een mogelijk gevaar [vormen] voor de nationale veiligheid". Wilders zegt hiervoor een wetsvoorstel te zullen indienen. Volgens de PVV-leider moeten de veiligheidsdiensten iemand bij de minister van Binnenlandse Zaken kunnen voordragen voor opsluiting. Lees verder >>>

Help mee!

LogoHelp mee om de immense archieven van de Nederlandse inlichtingen­diensten te redden. Vraag dossiers op in het belang van onze veiligheid, democratische controle op de diensten, burgerrechten en kennis over de betrokkenheid van de inlichtingendiensten.

Nieuwsbrief

Privacy Barometer brengt een paar keer per jaar een nieuwsbrief uit. Wilt u op de hoogte blijven, meldt u hier aan voor deze nieuwsbrief:  
Uw gegevens worden aan niemand ter beschikking gesteld, tenzij dat wettelijk vereist wordt. Het emailadres wordt alleen voor deze nieuwsbrief gebruikt.

of volg ons via

mobiele versie | volledige versie

deze pagina is samengesteld in: 0.143 seconden